Infrastructuur

De bereikbaarheid van de Achterhoek is van essentieel belang. De VVD heeft het dan zowel over het verkeer en het openbaar vervoer, als over de digitale bereikbaarheid. Mobiliteit is een belangrijke vestigingsfactor voor bedrijven, maar ook erg belangrijk de uitwisseling van studenten met andere regio’s en het bedrijfsleven.

Dat laatste moet volgens ons één van de aandachtspunten zijn. Hoe meer jonge mensen ervaren dat de Achterhoek "smart industry” combineert met goede voorzieningen en een een groen leefklimaat, des te beter wordt onze toekomst.

Daarom heeft de VVD zich altijd sterk gemaakt voor een verbetering van de N18, goede dwarsverbindingen naar de A1 en robuuste spoorverbindingen in de regio. Daar worden nu met dank aan landelijke en provinciale VVD gelukkig resultaten geboekt. Het is eveneens belangrijk dat er een goed openbaar vervoer is. Het openbaar vervoer is geen vervanger voor de auto, maar een aanvulling. De VVD is tegen het laten rijden van bussen gevuld met lucht in plaats van passagiers. Daarom is terughoudendheid geboden bij het subsidiëren van het openbaar vervoer en staan we open voor innovatieve kostenefficiënte alternatieven, zoals dorpsauto’s.

Daarbij wil de VVD ruimte geven aan innovatieve mobiliteitsvormen. Elektrische auto’s zijn een goede, zuinige manier om je te verplaatsen, en dat geldt bij uitstek voor de plattelandsregio die wij zijn. De gemeente werkt daarom actief en welwillend mee aan de plaatsing van voldoende oplaadpunten, bijvoorbeeld door planologische belemmeringen weg te nemen en procedures te versnellen.

De VVD vindt dat de regio Achterhoek een proeftuin moet worden voor zelfrijdende auto’s.

De VVD wil dat er een fietssnelweg gerealiseerd wordt tussen Doetinchem en Enschede. In Berkelland willen we naast de fietssnelweg die er nu ligt tussen Neede en Groenlo dat deze ook gerealiseerd wordt tussen Neede en Ruurlo om zo de gemeente ook per fiets optimaal te ontsluiten.

Digitale bereikbaarheid is belangrijk en maakt de afstanden binnen de Achterhoek, maar ook die naar andere regio’s, universiteiten en hogescholen en werkgelegenheid in de Randstad en andere centra beduidend kleiner.